Onderweg naar het Zweedse Faluröd

mei 2017

Buitenzijde van een vakantiehuis

Het was wenselijk, nou zeg maar gerust verplicht, om je huis rood te schilderen

Onder de vleugel van het KLM vliegtuig trekt het eieieiendeloze Noorse landschap onder me voorbij. Het is een ruig landschap, met rotsachtige bergen waarvan ik de hoogte moeilijk kan inschatten. Rivieren kronkelen en zoeken een weg naar het fjord. Witte laaghangende wolkenslierten werpen schaduwen op de even witte besneeuwde bergen. De zon schittert op de bevroren meren. Op deze breedtegraad is het dunbevolkt en beneden mij is geen enkel teken van menselijke activiteit te bespeuren. Daar gaan we eens wat verandering in aanbrengen! 😉

Huizen aan de rivier Åresjön
Huizen aan de rivier Åresjön

Deze omgeving ziet er zo lieflijk uit, zoals de kinderseries uit mijn jeugd…

Vanaf het kleine vliegveld van Trondheim rijd ik over de E14 richting Zweden, een mooie rustige route door Jämtland langs bossen en bevroren meren. De bestemming is Åre. De weg klimt omhoog langs de dennenbossen en smeltend ijs sijpelt langs rotsen omlaag. Onderweg zijn af en toe huizen, schuren en de typisch Scandinavische kerktorens te zien, maar vooral veel bomen, watervallen en prachtige vergezichten. Deze omgeving ziet er zo lieflijk uit, zoals de kinderseries uit mijn jeugd… ‘Pippiiiiiii!’ ‘Emiiiiiil!’

De huizen en boerenhoeven die ik onderweg tegenkom zijn van hout, en zijn veelal rood geschilderd. Het is een roestrood dat lijkt te verkleuren bij het langzaam veranderende daglicht. Waarom hebben de meeste huizen deze kleur? Het rondvragen in mijn beste Zweeds brengt me nergens en ik besluit het uiteindelijk maar aan Google te vragen. En dit kwam ik te weten:

De oorsprong van dit pigment ligt bij de koperwinning die sinds de 13e eeuw in deze streek plaatsvond. Het was een afvalproduct van de kopererts die werd fijngemalen en daarna gebrand. Het erts bezit nog andere conserverende componenten en was daardoor een goedkope basis voor verf die op het onbehandeld hout van huizen kon worden aangebracht.

Een vakantiehuis in Jämtland
Een vakantiehuis in Jämtland
Schilders aan het werk in Björnangen, Jämtland
Schilders aan het werk in Jämtland

De rode kleur is een vorm van ijzeroxide en verwant aan gebrande Sienna, dat gebruikt werd voor frescoschilderingen in Italië. In de zestiende eeuw stelde de Koning Johan III van Zweden deze kleur verplicht voor de adel. In de achttiende eeuw werd dit gebruik door de armere bevolking op het platteland overgenomen. Daarmee werd de traditie van het Zweeds rood geboren. De zweden kleuren hun houten huizen rood, maar ook openbare gebouwen, zomerhuisjes en boothuizen. Het is bij moderne architecten nog steeds een populaire kleur.

Punamulta, Punamaali, Faluröd, Zweeds rood

De kleur wordt bijzonder veel gebruikt in Zweden en ook in Finland en Noorwegen waarbij de kleur licht varieert doordat de brandtechniek iets is gewijzigd of andere pigmentgrondstoffen zijn gebruikt. In Noorwegen is het rood iets feller, in Finland iets meer oranje. Het Finse woord voor deze verf is Punamulta (rode modder) of Punamaali (rode verf). Ook in Noord Duitsland waar Zweden lange tijd Voor-Pommeren (Stralsund) bezat en de Baltische staten die vanouds onder Zweedse invloed stonden, komt de kleur veel voor.

Prachtig, die kleur!
Prachtig, die kleur!

In Zweden noemt men deze kleur Faluröd, naar de kopermijnen in Falun. Kopermijnen? Dat moet ik zien!

Ik ben namelijk dol op koper. Ik houd van de manier waarop het verkleurt door water, licht en tijd. En de molecuulstructuur verandert als je erop hamert! Magisch.

Ook vlakbij Åre, blijkt een oude kopermijn te zijn; Fröå Gruva. Hier werd tussen 1744 en 1919 koper gedelfd. Dat was een arbeidsintensieve klus en rond 1800 woonden er dan ook ongeveer 600 mensen op kleine stukjes land om en nabij de mijn. Grappig als je beseft dat het huidige inwoneraantal van Åre op ongeveer 1250 ligt. De mijnen sloten in 1919 en de bewoners trokken weg uit Fröå. In 1971 vertrokken de laatste bewoners, maar de schachten en het gangenstelsel onder de grond bleven intact en ook een aantal gebouwen werd in ere hersteld.

Gerenoveerd gebouw bij Fröå Gruva
Mijnwerkers bij de Gustavsgruva, 1896
Fröå Gruva

De stenen waar deze mensen op zitten liggen er nog steeds en ik ben moe en hongerig van het klauteren. Er is een mooie bestemming waar ik dit koper-avontuur kan afsluiten: hotel-restaurant Copperhill, bovenop een berg met een schitterend uitzicht. Een James Bond-achtige setting. Nadat ik de malse rendierensteak heb verorberd hoor ik het geluid van een helikopter steeds dichter bij komen. Ik ren naar buiten, de sneeuw in, en terwijl ik beschoten word door Russische spionnen op ski’s werpt 007 me een touwladder toe en klim ik heldhaftig naar boven. Terug naar mijn vlakke land.

Uitzicht vanaf Copperhill
Copperhill; de 20 meter hoge koperen wand
Copperhill; Koperen letters op de gevel